Beknopte versie van het ABC, bijv. voor kerkblad

Beknopte versie, bijvoorbeeld voor kerkblad

Het ABC van samen werken aan het hart van de kerk

Om samen kerk of gemeente te zijn en hieraan te bouwen zijn voldoende saamhorigheid en samenwerking nodig. Saamhorigheid is het gevolg van goede onderlinge relaties, terwijl samenwerking gaat over de gemeenschappelijke inhoud, doelstelling en uitvoering van het kerkelijk beleid.

Over de inhoud van de nodige saamhorigheid en samenwerking en het bijbehorende leerproces gaat het in de volgende toelichting op de kernwoorden van de titel.

Kerk

Het woord van het Griekse woord kuriaké, dat betekent: wat van de Heer is of wat bij de Heer hoort. Hierop is de oudste belijdenis gebaseerd: Jezus is Heer. Dat wil zeggen: in de kerk heeft Híj het voor het zeggen. En kerk- of gemeenteléden zijn zij, die bij deze Heer willen horen en hun leven willen afstemmen op Zijn bedoeling.

Het hart van de kerk

Het hart van de kerk past bij het beeld van de kerk als lichaam van Christus, waarvan Hij het hoofd is en Zijn volgelingen de ledematen.

Het hart of de kern van de kerk is te definiëren als een drievoudige betrokkenheid:

  • hart voor de Heer,
  • hart voor elkaar als Zijn leerlingen,
  • hart voor Zijn bevrijdend werk in de wereld.

Deze kern vormt a.h.w. het DNA ofwel het wezenlijke kenmerk van het christelijk en kerkelijk leven.

Nog geconcentreerder geformuleerd: het gaat om de Heer te leren vinden, volgen en vertegenwoordigen.

Deze drie onderdelen zijn wel te ónderscheiden, maar mogen niet worden géscheiden. Dat betekent, dat alle drie onderdelen van dit hart nodig en onmisbaar zijn.

Werken aan het hart van de kerk

Wanneer ons lichamelijk hart goed functioneert, is het nodig er zo gezond mogelijk mee om te gaan. Wanneer het niet goed functioneert is het nodig een dokter te raadplegen en zijn aanwijzingen op te volgen. Wat het hart van de kerk of van ons persoonlijk als christenen betreft, is het voor het gezond worden en gezond houden van ons hart nodig te luisteren naar de aanwijzingen van onze Heer, die tegelijk onze genéésheer of dokter is. Dat betekent, dat het voor een zo gezond mogelijk functioneren van het christelijk en kerkelijk leven van vitaal belang is ons door Zijn Geest te laten leiden. Dit houdt in het welwillend beluisteren en beantwoorden van het Evangelie ofwel van Gods beloften en opdrachten. Het ter harte nemen van het Evangelie is nodig voor alle gemeenteleden, maar voor leden van de kerkenraad en van werkgroepen is dat vanwege hun leidinggevende taak des te meer nodig.

Werken aan het hart van de kerk bestaat dus niet allereerst in het bezig zijn met allerlei organisatorische zaken, maar in het voortdurend be-hart-igen van de drievoudige kern. Hiervan zijn inhoud en doel, dat we in het licht van Gods grote liefde voor de wereld, Hem gaan liefhebben met ons hele leven en de naaste als onszelf.

Sámen werken aan het hart van de kerk

Evenals een biologisch lichaam pas gezond kan leven, groeien en functioneren, wanneer alle ledematen goed op elkaar zijn afgestemd en samen werken, is dat ook nodig voor de kérk als lichaam van Christus. In dit kader hoort sámen werken aan het hart van de kerk dan ook niet alleen de hoogste prioriteit te hebben op de agenda van de kerkenraad als leidinggevend orgaan, maar ook van allerlei werkgroepen. Het is overigens ook de roeping van alle ‘gewone’ gemeenteleden.

Van ABC naar CBA

De methode om de visie te leren verwerken in beleid en bezigheden kan worden getypeerd met de letters A, B en C. Het gaat om de A van Activiteiten, de B van Bezinning en de C van Communicatie. Meestal wordt het grootste deel van de kerkelijke aandacht en energie besteed aan allerlei activiteiten, veel minder aan bezinning en nog minder aan communicatie. Hierdoor lopen kerkenraden en werkgroepen het risico zowel de omgang met God en met elkaar te verwaarlozen en dus te verzakelijken. Daarom is het vruchtbaarder te kiezen voor de omgekeerde volgorde en dus voor CBA. Gemeenteopbouw volgens deze methode begint altijd met het via geloofsgesprekken samen beluisteren en beantwoorden van een passend Bijbelgedeelte en met ruimte voor het uitwisselen van persoonlijk wel en wee. Ook samen danken en/of bidden is een essentieel C-onderdeel. Hierdoor wordt zowel de relatie van de deelnemers met God gevoed en verrijkt als ook die met elkaar. Deze hartversterkingen verstevigen de onderlinge verhoudingen, bevorderen een vruchtbare bezinning en leiden tot hierop aansluitende activiteiten. Het behartigen van de ‘C-factor’ is te vergelijken met voldoende goede olie in de motor: hij loopt soepeler, trekt beter en slijt minder.

De concretisering van het zo samen werken aan het hart voor de kerk is beschreven in mijn boeken Leven uit de Bron, via geloofsopbouw naar gemeenteopbouw en in het vervolg Groeien bij de Bron, kansen voor het christelijk en kerkelijk leven.

Geen wondermiddel, maar groeikans

Hiermee wordt bedoeld, dat instemmen met de drievoudige kern als het wezenlijke kenmerk van de kerk en met de CBA-methode niet werkt als een wondermiddel, dat automatisch en snel resultaat oplevert. Er bestaat alleen kans op resultaat of groei, wanneer voorganger(s), kerkenraden, werkgroepen en gemeenteleden samen de kern via de CBA-methode gaan én blijven beoefenen. Dit leerproces wordt weliswaar bemoeilijkt door kwaadaardige machten en door onze eigen gebreken, maar desondanks komen we verder, wanneer we de aanwijzingen van de Heer te harte nemen en ons laten inspireren door Zijn Geest. Deze keus vraagt om geloof en gebed, aandacht, tijd en inzet. Hierdoor bieden inhoud en methode van dit opbouwproces een effectief vaccin tegen het gevaarlijke virus van de secularisatie, waarmee de vervreemding van God en de geloofsgemeenschap wordt bedoeld. Zo ontstaat een aantrekkelijke gemeente zowel voor binnen- als buitenstaanders. Dat geldt met name voor jongeren, die zich vooral aangesproken voelen door bezielde en oprechte christenen.

Moge zo steeds opnieuw worden ontdekt, dat leven uit en bij de Bron een bron van Leven schenkt.

Ds. Marius Noorloos,                                                                       bijgewerkt november 2013

docent/consulent geloofs- en gemeenteopbouw

Apeldoorn